De
prehistorische mens moest voor de verwarming van zijn grot een beroep
doen op hout. Vandaag
beschikken we overal centrale verwarming die aardgas of olie
verbranden. Ook elektriciteit, opgewekt in thermische centrales met
steenkool of op basis van nucleaire energie, wordt voor de verwarming
gebruikt.
In
en om onze huizen gebruiken we o.a. keramische materialen zoals
bakstenen
en siertegels,
waar de chemie helpt om de gewenste eigenschappen (sterkte,
warmtebestendigheid, ...) te verkrijgen.
Het
gebruik van kunststoffen in verven,
riolering en dakgoten,
muur-
en vloerbekleding
, vensterramen, isolatie en gordijnen is ook aan de chemie te danken.
Chemie
vind je ook terug in de kleurstoffen van wand- en vloerbekleding en
verven,
samen met de nieuwste technologieën om glas
(al of niet gekleurd) te bereiden.
Kortom
: we zouden een enorme stap moeten terugzetten in ons wooncomfort
zonder de hulp en steun van de chemie.
|